Stand van zaken afschaffing compensatieregeling transitievergoeding
In het Coalitieakkoord 2026-2030 staan een flink aantallen maatregelen voor werkgevers en werknemers, waaronder ook de hervorming van de transitievergoeding en de afschaffing van de compensatieregeling transitievergoeding voor alle werkgevers per 2028. Maar hoe zit het dan met het bestaande wetsvoorstel voor afschaffing van de compensatieregeling van de transitievergoeding per 1 juli 2026? Gaat deze nog door of wordt deze vervangen door de voornemens uit het coalitieakkoord?
Afschaffing compensatieregeling 1-7-2026
Het wetsvoorstel voor de afschaffing van de compensatieregeling transitievergoeding per 1 juli 2026 voor middelgrote en grote werkgevers wordt nog behandeld door de 2e kamer. Wanneer deze feitelijk voor aanneming op de agenda staat is nog niet bekend. Wel zijn er door de verschillende fracties vragen gesteld over het voorstel op de inbrengdatum 21 januari 2026. De vragen richten zich onder meer op een eventueel overgangsrecht, hoe het jaarcriterium voor ‘kleine werkgever’ wordt vastgesteld, hoe UWV dit gaat uitvoeren en of er getoetst is (of wordt) of er niet opnieuw veel ‘slapende dienstverbanden’ zullen ontstaan. Het ziet er naar uit dat de afschaffing per 1-7-2026 zoals omschreven in het wetsvoorstel gewoon door gaat.
Grote en middelgrote werkgevers kunnen in 2026 nog compensatie transitievergoeding krijgen voor langdurig zieke werknemers, waarvan de 104 weken wachttijd voor 1 juli 2026 is afgelopen. Zijn de 104 weken wachttijd afgelopen op of ná 1 juli 2026, dan bestaat er geen recht meer op compensatie transitievergoeding. Dit geldt niet voor kleine werkgevers: Een werkgever geldt als ‘klein’ wanneer de jaarloonsom minder dan 25 x het gemiddelde premieplichtig loon per werknemer is. Deze grens wordt ieder kalenderjaar opnieuw vastgesteld. Echter in het coalitieakkoord 2026-2030 wordt gesproken over de afschaffing van de compensatieregeling transitievergoeding per 2028 voor álle werkgevers, dus ook voor kleine werkgevers.
Daar staat tegenover dat werkgevers die tijdig en voldoende hebben geïnvesteerd in bijscholing, omscholing of zich maximaal inzetten rondom de re-integratieverplichtingen uit de Wet verbetering poortwachter, waarschijnlijk minder of helemaal geen transitievergoeding hoeven te betalen. Om ervoor te zorgen dat de transitievergoeding gebruikt wordt voor de transitie van werk naar werk, wordt de besteedbaarheid ervan gekoppeld aan de (nieuwe) infrastructuur van een ‘leven lang ontwikkelen’ (LLO), de Nederlandse strategie om ervoor te zorgen dat iedereen gedurende zijn werkende leven blijft leren. LLO is een combinatie van beleid, subsidies, infrastructuur, onderwijsaanbod en samenwerking tussen bedrijven, overheid en onderwijs.
Het kabinet verwacht dat werkgevers en werknemers ook hun steentje bijdragen aan de transitie van werk naar werk, door bijvoorbeeld middelen uit de opleidings- en ontwikkelingsfondsen (O&O-fondsen) breder en flexibeler in te zetten. Hoe de uitvoering, handhaving en controle van deze nieuwe regelingen vorm krijgen is nog niet duidelijk.
Wilt u weten wat de gevolgen zijn voor uw organisatie door de afschaffing van de compensatieregeling transitievergoeding? Neem dan contact op met één van onze specialisten.
